Vrijheidsdressuur: Creatief met het paard (deel 2)

Voedselbeloningen: Hap, slik, auw? Iedereen weet dat belonen met voer het begin van het einde is. Voedselbeloningen maken van het rustigste paard een bijterig en bedelend monster. Het is voor een paard onnatuurlijk om voer van andere paarden te krijgen en het verstoort daardoor de natuurlijke dominantieverhoudingen. Bovendien werkt een paard door dit alles alleen nog maar voor het voer en niet voor zijn baas. Dit zijn stuk voor stuk ontzettend goede redenen om nooit met voedselbeloningen te beginnen. Toch zijn er nog steeds mensen die hier stug mee doorgaan, vooral vrijheidsdressuur trainers. Zoals in het vorige stuk al beschreven is, is het belonen met voer bij vrijheidsdressuur niet minder dan noodzakelijk. Je laat je paard namelijk oefeningen doen die niet alleen lichamelijk en geestelijk zwaar zijn (bijvoorbeeld het liggen), maar ook nog eens ingewikkeld in elkaar zitten en vaak pas via allerlei omwegen in het trainingspad bereikt kunnen worden (bijvoorbeeld het gaan zitten vanuit stand). Met je voedselbeloning laat je je paard niet alleen zien dát hij het goed doet, maar door de timing waarmee je het beloningssignaal geeft, ook wát hij goed doet. Belonen met voer is dus een noodzakelijk kwaad, zou je kunnen zeggen. Toch komen er opvallend minder mensen om het leven tijdens vrijheidsdressuur trainen dan tijdens het rijden, mennen of verzorgen. Daarnaast is een groot deel van de vrijheidsdressuur trainers ook bezig met Natural Horsemanship en weet dus wat natuurlijk is voor een paard en wat niet. Hun paarden zijn bovendien vaak rustiger en beleefder dan hun ‘gewone’ soortgenoten. Vooral zo rond voertijd. Hoe valt dat in vredesnaam te rijmen met alle vooroordelen die over voedselbeloningen de ronde doen? De zwaarste beschuldiging, dat met voedsel belonen onnatuurlijk is voor paarden, komt van de kant van mensen die zich ook bezig houden met hondentraining. Bij wolven wordt de rangorde onder andere bevestigd door de eetvolgorde: Als een roedel een eland om zeep geholpen heeft, mogen de ranghoogsten als eerste eten en krijgen de ranglaagsten de allerlaatste restjes. De baas bepaalt dus wat en wanneer zijn onderdaan eet en dat maakt voedselbelonen bij honden logisch en natuurlijk. Wilde paarden wandelen gezamelijk een grasland op, maaien dat kaal en gaan vervolgens naar een nieuw stuk. Paarden jagen niet op grassprieten en het is ook niet zo dat de rest van de kudde op gepaste afstand moet wachten voor de alfamerrie en leidhengst zich volgegeten hebben voor zij ook mogen beginnen. De redenatie is dat paarden voedselbeloningen dus niet zullen snappen, dat niet verbinden met het bevestigen van dominantieverhoudingen en dus opdringerig en bijterig worden. Dat klinkt heel logisch. Als je tenminste een hondentrainer bent die af en toe eens langs een paardenwei loopt. Een paardenkenner ziet in diezelfde wei juist honderden signalen over dominantie die door middel van het graasgedrag overgeseind worden. Een dominant paard zorgt er voor dat paarden die hem te min zijn niet al te dicht in zijn buurt komen grazen. Als een ondergeschikte zich even verderop vermaakt bij een appelboom en de ranghogere heeft ook trek in wat fruit, dan jaagt hij de ranglagere moeiteloos weg. En zelfs al heeft hij helemaal geen trek in appels, dan nog kan hij besluiten zijn macht uit te buiten door die appels voor de rest ontoegankelijk te maken. Je ziet dat duidelijk bij bullebakken die geen dorst hebben en toch elk ander paard bij die ene drinkbak wegjagen, gewoon omdat ze dat kunnen. Als er íets is waarmee paarden hun dominantie laten zien, dan is het wel het eten. En dat is logisch, want een paard besteedt meer dan de helft van zijn dag aan grazen en het kan niet zo zijn dat de kudde meteen leiderloos is zodra de leidhengst zijn hoofd laat zakken. De signalen zijn heel subtiel, maar voor een paard overduidelijk aanwezig. Ook bij paarden is het zo dat een ranghogere bepaalt wat en of een ondergeschikte eet. En dat zorgt er voor dat paarden goed om kunnen gaan met voedselbeloningen. In het wild betekent de toegang tot die appelboom immers dat hij de goedkeuring van de ranghogere heeft gewonnen, zonder dat die daarmee ook zijn hoger positie opgeeft. En dat is precies wat jij als vrijheidsdressuur trainer ook doet. Als je consequent bent, een beloningssignaal gebruikt en alleen beloont voor goed gedrag (dus net als die appelboombewaker), dan hoeft voedselbelonen geen problemen op te leveren. Ook een beloningssignaal is iets dat de appelboombewaker toepast. Zolang de boom verboden toegang is, wordt die ‘bewaakt’ door de ranghogere die daar rustig zijn gang gaat. Zodra die zijn rug omdraait en wegloopt, mag de ondergeschikte komen eten, als die zich tenminste gedraagt zoals zijn rang dat van hem eist. Dat omdraaien of weglopen van het bewakende paard (iets wat je trouwens letterlijk in de lichaamshouding tijdens een join up ziet gebeuren) is een duidelijk ‘beloningssignaal’. Het geeft aan wanneer de boom toegankelijk is. En dat doet jouw beloningssignaal ook. Het geeft aan wanneer jouw voerzak opengaat en je hand een beloning bevat. Met voedsel belonen is voor een paard dus niet alleen natuurlijk, maar ook een natuurlijke manier om dominantieverhoudingen te ventileren. Je zou dus kunnen zeggen dat het echt flink mis is als je paard jou een wortel aanbiedt, of als hij je hardhandig van een sappig plukje gras verwijdert. Bij het doorsnee Nederlandse paard wordt die natuurlijke koppeling tussen voedselbeloning en rangorde echter door zijn baas onbewust weggetraind doordat de combinatie mens-voer nauwelijks aanwezig is. De baas brengt het paard naar de wei en laat hem vervolgens alleen. Als er gewerkt wordt, wordt er niet gegeten. Als het tijd is voor het avondvoer wordt de biks door de tralies in de bak gekieperd en landen er twee plakken hooi naast, maar dat is het qua menselijk contact dan ook wel. Geen wonder dat veel paarden voernijd vertonen en in monsters veranderen zodra ze in de buurt van voer komen. Ze hebben zich nooit aan de gedragsregels hoeven te houden die met eten gepaard gaan. Dat is ook de reden waarom veel Natural Horsemanship trainers tegen met voedsel belonen zijn: Paarden die tijdens de training of de join up geheel onderdanig lijken, kunnen alsnog absoluut dominant worden zodra ze een wortel zien. En niet omdat voedsel an sich dat uitlokt, maar omdat die trainers plotseling helemaal niet zo dominant blijken te zijn als ze zouden willen. Hun redenatie is dat voedselbeloningen het onderdanigste paard in een wild monster verandert. Dat is niet zo. Het voer laat zien dat hun dominantie niet zo sterk is als ze denken.Voer als ultieme verklikker van gaten in de dominantieverhouding. Door met voedselbeloningen te werken haal je voor het paard natuurlijke algemene omgangvormen terug en versterk je zonder enige dwang of dreiging met elke beloning steeds weer jouw positie als ranghogere voerverstrekker. Wordt vervolgd ….
januari 19, 2010
Rudi & Nanny
Africhten