Twee horsen (paarden)

Ze stappen, hun bellen al klinken, de vrome* twee horsen te gaar; Ze zwoegen, ze zweeten; en blinken doet ’t blonde gelijm* van hun haar Ze stappen, ze stenen , ze stijven de stringen; en ’t ronde gareel het spant op hun spannende lijven: de voerman beweegt ze aan een zeel* De wagen komt achter. De rossen, gelaten in ’t lastig geluid der schokkende, bokkende* bossen*, gaan stille en gestadig vooruit Geen zwepe en behoort er te zinken, geen snoer en genaakt er één haar: zoo stappen, hun bellen al klinken, de vrome, twee horsen, te gaar. GUIDO GEZELLE (1830-1899) De betekenis van de meeste woorden van dit West-vlaamse gedicht kan je waarschijnlijk wel aanvoelen. Een paar hebben wat extra uitleg nodig om het goed te kunnen volgen. De betekenis van: vrome = makke gelijm = glans zeel = touw bokkende = stotende bossen = assen Je had waarschijnlijk wel begrepen dat de horsen, waar meneer Gezelle over schrijft, paarden zijn die als aanspanning door zijn gedachten liepen bij het schrijven van dit gedicht.
mei 11, 2009
Rudi & Nanny
Fun