Tien geboden van een dierenarts

In 1883 schreef een Duitse dierenarts zijn tien geboden om tegen te gaan dat een paard vroegtijdig last krijgt van beenproblemen. Dit scheef hij: Het eerste gebod Gebruik je paarden niet te vroeg. Het tweede gebod Laat je paard geen al te zwaar werk verrichten. Het derde gebod Zorg ervoor dat je paard op een goede manier en door een vakkundig smid beslagen wordt. Het vierde gebod Zorg ervoor dat je paard goed in- en uitgereden wordt voor en na het werk. Een oud gezegde zegt: Stap uit de stal en stap in de stal. Het vijfde gebod Kijk regelmatig de benen van je paard even na en geef ze steeds een goede verzorging, benen zijn het belangrijkste onderdeel van het paard. Het zesde gebod Zorg ervoor dat je paard steeds voldoende en de juiste voeding heeft. Geef hem ook genoeg tijd om zijn voedsel te verteren. ‘Plenis venter non laborat libenter’ d.w.z. ‘Een volle maag werkt niet graag’. Het zevende gebod Zonder weide wordt een veulen nooit een bruikbaar paard, dus zorg voor een goede opfok van je veulen. Het achtste gebod Zorg dat je beengebreken van een paard zelf zoveel mogelijk voorkomt. Het negende gebod Laat het paard geleidelijk wennen aan het gebruiksdoel waarvoor het geschapen en bestemd is. Het tiende gebod Let op je stalinrichting en verzorging. Ammoniak en uitwerpselen veroorzaken oogaandoeningen en rotstraal. Ik heb alles wat ingekort en vrij vertaald, maar het leek me toch leuk om dit stukje bruikbare geschiedenis eens in Paardentips Magazine te zetten.
mei 14, 2009
Rudi & Nanny
Medisch