Paarden en hun karakter (deel 4)

In de voorgaande delen bespraken we het karakter van het zenuwachtige paard, het brutale paard en het bange (wantrouwende) paard. Het is belangrijk het karakter van je paard te leren kennen, omdat elk karakter een andere aanpak nodig heeft. Bij een brutaal paard kun je bijvoorbeeld best wel eens ‘boos’ uit de hoek komen, maar als je dat bij een bang paard doet, wordt hij alleen maar banger. In Paardentips nummer 5 bespreken we het laatste karaktertype, namelijk het wakkere paard.

In dit nummer gaan we wat dieper in op het ‘rustig aan’-paard. Voor dit type paard hoeft het allemaal niet zo nodig. Hij heeft weinig werklust en doet het rustig aan.
– Houd het werk afwisselend en doe dus niet te lang dezelfde oefening
  achter elkaar.
– Gebruik eens balkjes of cavaletti.
– Maak regelmatig een buitenrit. Ook tijdens een buitenrit kun je
  dressuuroefeningen doen.
– Houdt het paard goed aan het been. Zorg dat het op een kleine hulp
  reageert.
– Zorg dat je zeker weet dat het paard geen gezondheidsproblemen heeft.