Gedicht

Van de Amsterdamse dichter en historicus Isaäc da Costa (1798-1860):
‘Wie gaf het paard zijn kracht, zijn heldenhart!
Wie heeft zijn hals bekleed met pracht van manen, golvend op de wind?
Men ziet hem dansen gelijk een sprinkhaan,
bij de bliksemende lansen,
De pijlen, rootlend in hun koker,
en het zwaard dat flikkert in zijn oog, voor galm nog glans vervaart;
Een wolk gaat opwaarts van zijn snuiven,
Met zijn hoeven verslindt hij ’t slagveld of hij trappelt het tot groeven,
En ijlt het harnas tegemoet,
Of schuimt en woelt,
Terwijl hij aan ’t gebit zijn krijgsdrift bloedend koelt,
En antwoordt briesend op de donder der trompetten,
Waarbij vaandelen zich in beweging zetten.’
april 20, 2016
Rudi & Nanny
Spreuken