Door het oog van het paard

Een vertrouwde en veilige plaats waar ik me goed voel.  Ongeveer elf maanden lang mag ik me er ontwikkelen. Dan verandert mijn omgeving, ik weet niet wat er aan de hand is? Waar is die geborgenheid? Wat gebeurt er? Vreemde dingen en klanken om me heen. Iets in me zegt te vluchten, maar die rare dingen onder me willen niet doen wat mijn gevoel zegt. Zodra mijn benen me kunnen dragen, is er een drang in me op zoek te gaan. Maar naar wat? Snel vind ik het! Wat is dit heerlijk. Die eerste melk en fijn dat vertrouwde gevoel weer te krijgen. Hier ben ik veilig!

Alles om me heen is zo nieuw! Wat is dit? Ik onderzoek het op dezelfde manier, maar dat smaakt niet. Het voelt raar! Ik stoot me, struikel, doe me pijn, ben soms bang en schrik van alle nieuwe dingen. Mijn moeder blijft kalm en dat stelt me gerust. Zelfs die rare wezens die op hun achterbenen lopen, begin ik graag te zien. Mama wordt blij als ze naderen, dus ze moeten wel iets bijzonders hebben. Ik begrijp hen niet altijd, die mensen, ze doen dingen zo anders als mijn moeder. Ik begin te wennen aan de aanrakingen en herken hun geur. Maar het liefst van al ben ik dicht bij mijn moeder. Toch ben ik plots zonder haar. Ze roept me, ik wil snel terug bij haar zijn. Wat is dat moeilijk! Ik ben zo bang! Alle kennismaking met nieuwe dingen geeft me meteen de drang om er zo snel mogelijk van weg te gaan, maar mijn mens lijkt een beetje op mijn moeder. Als ze me gerust stelt, voel ik me snel weer veilig.  

Die rare dingen die over de grond waaien, maken me al lang niet meer bang, blaadjes zakken, vlaggen, pff ik heb ondertussen al lang in de gaten dat ik er niet voor hoef te vluchten. Zelfs dat geluid van dat metalen beest maakt me niet meer bang! Maar wat flappert er om de hals van mijn mens? Zou het bijten? Ik wil snel weg! 
Na een tijdje ben ik zelfs niet bang voor die sjaal!

Ik ben nu sterk, groot en mooi.  Ik kan de wereld aan, tenminste… oei wat is dat? Zal ik vluchten? Moet ik nu bang zijn? Waar kan ik naar toe?

Jaren later zie ik mijn zoon lopen. Een klein bang veulentje dat steun bij me komt zoeken. Alles is nieuw voor hem. Ik zou het hem allemaal willen vertellen, maar het meeste gaat hij zelf moeten leren.  

Mijn wens is dat hij net zo’n lieve mensen krijgt als ik had, die me de dingen leerden zonder me pijn te doen. Ze waren zo geduldig  en lief voor me dat ik me veilig voelde. Soms duurde het wat langer voor ik iets begreep, maar ze leerden al snel mijn taal spreken.  

Ze leerden de wereld zien door mijn ogen en daardoor mijn zoon, ga jij een geweldig leven tegemoet! 

maart 11, 2016
Rudi & Nanny
Uncategorized