|
|
|
| Welkom, |
|
Er is een gezegde dat luidt: "Mensen met paarden hebben de hemel op aarde,
maar komen ze te sterven valt er niks te erven."
Die hemelse momenten
ervaar je inderdaad als je bijvoorbeeld met je paard door een stukje natuur
rijdt terwijl het zonnetje je gezicht verwarmt. Dat moment kan al vlug weer
vergeten zijn als je met je laarzen in de mest staat te scheppen in de
stromende regen. Als je met balen hooi staat te gooien die net zijn
binnengebracht.
Maar toch moet er iets aan de hand zijn met ons, paardenliefhebbers, dat we
dit allemaal over hebben voor een 'hobby'. Stel dat je al je geld aan deze
lief-hebberij zou spenderen. Zou er dan echt niks te erven zijn voor ons
nageslacht?
Zelf denken we dat de erfenis die een paarden-liefhebber
kan doorgeven niet uit te drukken is in geld. Een erfenis waarvan veel mensen
kunnen genieten...
Veel leesplezier!
Groetjes,
Rudi en Nanny van den Dijck Paardentips
Magazine |
 | | |
 |
 |
|
 |
| Uit het
paardenleven gegrepen: Mijn pony |
| Door Rudi en
Nanny | |
 | |
 |
We hadden laatst een barbecue met een deel van de familie. Nadat we
ons buikje rond hadden gegeten besloten we een wandeling te maken. Het leek
ons leuk om de pony (Shetlander)
Jens op te zadelen zodat de kinderen er allemaal om de beurt op konden zitten.
Het bleek een goed voorstel. Kinderen huppelden van blijdschap achter Nanny
aan die de pony ging halen.
Lise, ons dochtertje van drie, stond erbij
te stralen. Normaal is ze net als haar vader een beetje verlegen. Bij papa
slaat dit al vlug om als er over paarden gesproken wordt.
"Dat is mijn pony," zei Lise vrolijk tegen de andere kinderen, die een paar
hoofden groter waren. Hij is lief he? Je mag hem wel aaien hoor, je hoeft niet
bang te zijn, hij bijt niet.
Lise was de hele dag stil geweest en had
de boel een beetje bekeken, nu was ze heel anders en deelde ze wat borstels
uit en gaf de kinderen aan waar ze mochten borstelen. "Hier mag je met deze
borstelen..., jij mag de manen doen...." Haar mondje stond niet meer
stil.
"Nee, dat is geen hoed, dat is een cap! Een cap moet je altijd
opzetten van mama en papa als we gaan wandelen met Jens. Ik heb er twee, hier
zet deze maar op. Dan doet je hoofdje geen pijn als je valt. Mama heeft er ook
eentje.
Je mag niet te dicht achter de pony gaan staan hoor! Zo moet je lopen." Lise
liep in een boogje achter om de pony heen. "Je kan het ook zo doen, en ze nam
zijn halster en ging voor hem door. Je mag ook praten tegen Jens dat vindt hij
fijn en als we klaar zijn krijgt hij altijd een snoepje van me. Mama waar
liggen de snoepjes?"
Papa en mama (Rudi en Nanny) kijken elkaar vol
trots aan.
Wat worden onze dochters toch al groot! Voor we het weten hebben ze een
eigen rubriekje in het Paardentips Magazine ;-)
 |
 |
|
 |
Boekentip: Je
wilt toch niet machteloos toekijken als je paard iets mankeert? |
| Handboek Paardenziekten in
woord en beeld | |
 | |
|
Hoe sneller je paard geneest, des te eerder je weer kunt rijden!
Je paard loopt kreupel nadat hij gegaloppeerd
heeft. Je besluit even rustig aan te doen, het lijkt wel mee te vallen. Toch
beginnen geleidelijk aan de de pezen van de voorbenen op te zwellen en de
onderbenen voelen warm aan. Je neemt je paard bij de hand en zet hem op stal.
Natuurlijk besluit je om meteen de dierenarts te bellen maar je weet dat
snel handelen soms veel leed kan voorkomen.
Zou hij een blessure
hebben? Wat kun je het beste doen terwijl je wacht?
Je loopt naar binnen, neemt het 'Handboek Paardenziekten in woord en
beeld' in de hand en kijkt in de anatomische index. Daarna kijk je bij
'aandoeningen aan de benen'. Natuurlijk heb je geen tijd en zin om een hele
wetenschappelijke litanie te lezen dus ben je blij met de korte en bondige
uitleg waarmee elke aandoening wordt beschreven. Je komt er al vlug achter
welke omschrijving het best bij de symptomen past.
Je eerste gedachte
wordt bevestigd. Het is een peesblessure.
Als de dierenarts aankomt
ziet hij dat je het been aan het koelen bent met een koude pakking. De arts
bevestigt je diagnose en geeft je een compliment over het correct en snel
handelen. De dierenarts geeft je paard ontstekingsremmende middelen en
pijnstillers. Het been moet rusten en dus zo min mogelijk bewegen. De arts
brengt daarom een gipsverband aan. Alles komt goed.
Het had allemaal
veel erger kunnen zijn...
Als paardenhouder hebben we allemaal wel eens
een gevoel van machteloosheid wanneer we merken dat onze paarden of pony's
iets mankeren.
Het wachten op een arts kan op zo'n moment (voor je gevoel) eeuwen
duren.
Zou jij al iets kunnen doen om de pijn van je paard te verlichten? Kun
je aan de hand van de symptomen al wat aanwijzingen geven aan de arts? Is
er iets dat ik ondertussen kan doen???
De juiste informatie bij de hand hebben kan helpen bij het stellen van een
goede diagnose. Er is nu een boek dat een aanwinst is voor iedere
paardenbezitter. Puur als liefhebberij of professioneel, dit naslagwerk is
geschikt voor elk niveau...
Klik hier om meer te lezen over dit boek en om het in huis te
halen.
 |
 |
|
 |
| Paardrijden en in
de rolstoel zitten |
| Door
Nanny | |
 | |
| Als je eens een keer met een
kinderwagen op pad gaat merk je hoe moeilijk het soms is een winkel binnen te
komen. Stoepjes, drempels, smalle gangpaden. Een ramp! Laatst had ik het er
met Rudi nog over, als je in zo'n situatie met de rolstoel bent is het vaak
knap lastig.
Door de reis van Margriet en Jeannette onder de aandacht
te brengen hopen we een extra steentje bij te dragen aan het werk met kinderen
met een lichamelijke en/of meervoudige beperking die willen paardrijden.
Zo geven we nog steeds voor elke nieuwe aanmelding bij het Paardentips
Magazine 1 euro aan dit goede doel en geven we een deel van de opbrengst van
bepaalde producten in de
shop ook aan dit doel. Ik geloof dat Rudi in september officieel een
cheque zal overhandigen aan de stichting. Hoe of wat precies, krijg je nog te
lezen in Paardentips Magazine.
Maar terug naar de personen in de rolstoel. Kunnen die eigenlijk ook
paardrijden?
Manege zonder drempels (www.manege-zonder-drempels.nl) heeft in ieder geval een leuke
manier gevonden om meervoudig gehandicapten het plezier van paardrijden te
geven.
Ook rolstoelgebruikers die 'enkel' beperkt zijn in het lopen
kunnen bijvoorbeeld in de mensport flink hun hart ophalen. De betere
koetsenmakers hebben zelfs speciale modellen ontworpen waarbij je met rolstoel
en al tot op de menwagen kunt komen. Als bijrijder, maar ook als
menner.
Dus als je paardenliefhebber bent hoeft zelfs een rolstoel je
niet te beperken...
 |
 |
|
 |
| Lezerstip: Droge
hoeven? |
| Door Brendy en
Pieter | |
 | Droogte is niet altijd
ideaal voor de paardenhoef. Tijdens de 'hittegolf' van de laatste keer kregen
we het volgende mailtje met een tip om droge hoeven tegen te
gaan. |
 |
 Ik heb vandaag
mijn paard eens lekker de manen en staart gewassen en aangezien het enorm
droog is, wil ik dat de hoeven wat vocht krijgen. We hebben een stukje in de
paddock afgezet en laten die hoek dan onder water lopen, maar vonden dat het
makkelijker moest kunnen. Het resultaat is een paard met zijn hoeven in 4
emmers water net tot aan de kroonrand.Zo staat hij er een half uur per dag in.
Ik heb me echt rot gelachen en verbaasde mij erover dat hij het toeliet met 4
benen tegelijk. Wilde dit toch even met jullie delen.
Groetjes, Brendy en Pieter.
 |
 |
|
 |
| Rasomschrijving:
Lipizzaner |
| Door: Rudi met de hulp van
Paardentips-lezers | |
 | |
 |
De Lipizzaner is in de dagelijkse praktijk een zeer veelzijdig paard.
Oorspronkelijk gefokt als breed inzetbaar rij- en koetspaard, kan hij ook in
moderne tijden voor vele doeleinden gebruikt worden. Als rijpaard onder het
zadel, waarbij zijn aangeboren talenten voor de hogere dressuur hem beroemd
hebben gemaakt in de Spaanse Rijschool in Wenen. Maar ook als rijpaard in de
recreatieve sfeer is hij bijzonder geschikt. Daarnaast liggen zijn kwaliteiten
ook zeker in het tuig.
Beroemd zijn de Lipizzaners waarmee de Hongaren vele malen wereldkampioen
werden in ver-schillende disciplines van de aangespannen sport. Op
recreatieniveau zult u geen betrouw-baarder paard in de strengen kunnen
aantreffen.
Bij alles waarbij het Lipizzaner paard ingezet wordt, vallen zijn
bijzondere eigenschappen op, waar hij al eeuwen lang beroemd om is: een
bijzonder goed uithoudingsvermogen, uitstekende hoeven en beenwerk, een goede
gezondheid en bovengemiddelde intelligentie.
De Lipizzaner is laat rijp, met daarbij het voordeel dat hij ook
bijzonder oud kan worden. Zijn karakter is spreekwoordelijk goed, wat
overigens niet wil zeggen dat de Lipizzaner een gemakkelijk karakter heeft!
Lipizzaners zijn veelal sterke persoonlijkheden, die daar ook naar behandeld
dienen te worden. Als men goed met hem kan (samen)werken, kan men zich echter
geen betere partner op vier voeten wensen!
De Lipizzaner is naar onze
huidige maatstaven een klein paard. De ideale stokmaat ligt tussen de 1.55 en
de 1.58 meter. In de praktijk betekent dit, dat de paarden ruwweg tussen de
1.50 en de 1.60 meter meten. Zijn verschijning is indrukwekkend en trots,
waarbij zijn bewegingen statig en verheven zijn, maar wél ruim en elegant.
De schimmelkleur is dominant, maar ook bruine, donkerbruine en zwarte
varianten en een enkele vos komen voor. Bepaalde originele stoeterijen fokken
met een rijpaardtype, andere juist een carrossier. Ieder type is echter een
variatie op het thema. Iedere Lipizzaner staat in verschijning heel dicht bij
zijn voorouders.
Klik hier om meer te lezen over de Lipizzaner
Heb jij een aanvulling of wil jij ook een rasomschrijving geven,
klik dan hier voor meer informatie
Je begrijpt dat het hoe
langer hoe moeilijker wordt om geschikte informatie te vinden over een 'nieuw'
ras dat we willen beschrijven. Wil je ons helpen? Graag! Heb je een
leuke ervaring of een foto die je wilt delen met ons en de lezers van dit
magazine over een bepaald ras? Mail ze ons dan: mail@paardentips.com.
Ik zou het fijn vinden alvast wat te ontvangen over de Percheron,
Criollo, Paso, Quarter Horse, Orlov Draver, Camargue, Trakehner...
 |
 |
|
 |
| Op weg voor het
goede doel: Reisverslag |
| Door: Margriet en
Jeannette | |
 | |
 | Roos weer terug!
Onze burgemeester staat al voor achten met koffie voor onze neus. We kunnen
bij hem thuis douchen en telefoons opladen. Dat is hard nodig, want Wanda en
Eric komen Roos en onze spullen brengen! En we zitten ergens bovenop een
heuvel, zonder adres... We weten niet hoe laat ze komen, en sms'en ze dat we
richting dorp lopen om boodschappen te doen. Bijna daar (zo'n 5 kilometer
verder) bellen ze om te zeggen dat ze er zijn...
Liesa en Truska zijn blij dat Roos weer terug is (en wij ook). Even later
zijn we weer op weg naar het dorp om de iglo-tent terug te brengen (we hebben
nu weer de mijne bij ons). Weer die heuvel op... En dan staat er een
verrassing: een busje! Onze burgemeester is bang dat het gaat onweren en heeft
ons zijn bus gebracht. We koken ons eerste eigen potje in dagen, en hebben 's
avonds licht; dus kunnen we alle tassen weer overpakken - nu Roos en de bagage
terug zijn, kunnen we weer op de oude manier bepakken.
De burgemeester staat weer vroeg voor onze neus met koffie! Hij rijdt samen
met een vriend een stukje met ons mee, om de weg te wijzen. Hij zit op een
springerige 4-jarige, en zijn vriend op een 27-jarige arabier. Ons tempo is
wat laag voor de andere paarden...
's Ochtends is het weer nog mooi, maar 's middags begint het te regenen. Nat
komen we in Champguyon aan, waar volgens onze info een manege is. We vragen
een vriendelijke man de weg en hij loopt met ons mee. Bij de manege blijven
wij braaf op straat staan terwijl hij binnen vraagt of we kunnen overnachten.
Nee dus, het is vol...
Even verder staan we voor een mooi oud huis met slotgracht, waar we wel
welkom zijn. De eigenaresse is heel vriendelijk; we krijgen extra eten - er
waren geen winkels onderweg - en ze droogt ons wasje.
Meer velden, meer regen, maar dan van die gestage motregen. We vinden een
mooie plek om te lunchen; tussen koeienwei en akker (aan beide kanten afgezet
met draad) loopt een graspad, en wij spannen twee lijnen zo dat we onze eigen
wei hebben. De paarden kunnen lekker 2 uur eten en wij relaxen omdat we ze
niet voortdurend vast hoeven te houden.
Een langsrijdende automobilist vertelt ons over een geitenkaasboerderij even
verderop, waar ze paarden hebben en waar we dus misschien kunnen overnachten.
En dat blijkt waar. De paarden staan weer op een mooie wei, en wij hebben een
mooie kampeerplek met stromend water, licht, tafels, geitenkaas en cider. En
zelfs een lift...
We moeten voer halen in Nogent-sur-Seine, zo'n 15 kilometer verderop. We
richten onze blik op de volgende etappe, naar Vézelay, één van de vier
traditionele beginpunten van de Camino Frances, de Franse weg naar Santiago.
Nog een paar dagen... Even later realiseren we ons: we gaan vandaag over de
Seine! We zijn toch echt al Parijs voorbij.
Vlak voor de brug vinden we een onbewaakte wei. Niemand om aan te vragen of
we er gebruik van mogen maken... Dus zetten we de poort af met een lijn, laten
de paarden rustig eten en gaan zelf ook lekker lunchen. We zitten al een
tijdje als er ineens commotie is in de wei; de paarden, met Roos voorop,
galopperen in paniek door de wei. We rennen naar de poort maar zijn te laat
voor Roos, die rent dwars door de lijn heen. In gestaag tempo verdwijnt ze in
de richting van waaruit we komen!
We springen op Liesa en Truska (en laten onze spullen zo langs de kant van
de weg liggen) en gaan achter Roos aan. We vinden haar pas in het volgende
dorp, 3 kilometer terug... Vastgebonden aan een boom. Ze wandelde bezweet en
vermoeid over de weg en is er door een voorbijganger afgeplukt. De tassen
zitten nog vast, maar we halen alles eraf en bepakken Liesa, om weer 3
kilometer terug te lopen naar de wei waar onze spullen liggen. Gelukkig liggen
onze paspoorten, geldpasjes, etc. er ook nog allemaal.
We rijden de Seine over en zoeken in het eerste dorp een plek. We vinden een
mooi weitje, en voor ons - voor het eerst - een hotelletje. 's Avonds eten we
heel gezellig bij de buren van het weitje; barbecue met Brel...
Verder richting het zuiden…
En weer door, naar het zuiden. We rijden precies langs de rand van een
gedetailleerde kaart, en kunnen dus veilig kleinere wegen en zandpaden pakken.
Soms is het pad omgeploegd en akker gemaakt; we mogen dan dwars door het veld
rijden omdat het pad op onze (oude) kaart staat. Zo rijden we door het
bloeiende koolzaad, de blaadjes zitten na afloop tot boven de knieën.
We vinden een prachtige wei bij de oude abdij Vauluissant, waar een Franse
van Melle ons onderdak verleent op zijn gepachte land. Wij slapen in de
schuur, maar gaan eerst nog even uit eten in Villeneuve-l'Archeveque. Het weer
wordt eindelijk weer beter; 's ochtends nog wat miezerregen, maar 's middags
niet meer.
We bellen met een paardencentrum in Villechetive, maar dat zit vol. Ze
sturen ons door naar een ander centrum, maar dat ligt niet op de route.
Eigenwijs besluiten we toch het oorspronkelijke plan aan te houden.
Weer vinden we mooie paden door de akkers, maar even later zitten we vast
tussen bos en koolzaad. Weer helemaal geel komen we een stuk verder weer op de
weg terecht. Vasthouden aan de geplande route werkt goed uit; vlak voor het
paardencentrum ligt een chambres d'hote; een boerderij.
Even later staan de paarden weer op de wei en hebben wij een mooie kamer met
alles erop en eraan. We koken ons eigen potje en krijgen van alles erbij
toegestopt.
Na een lang stuk door het bos, komen we in Bussy-en-Othe
aan. Er staat een fontein klaar om de paarden te drenken, en de winkels zijn
open. Ik probeer een stempel te halen bij de kerk, maar die is dicht. Bij de
mairie vertellen ze over een klooster in het dorp, waar ik vast een stempel
kan halen; lijkt me leuker dan die van de mairie.
We moeten nog een heel eind, en het is al drie uur... In een gestaag tempo
maken we kilometers (we willen de plek waar de nieuwe zak voer ligt in 2 dagen
halen). En dan zien we dat Liesa maar een half ijzer heeft. Stop! We zoeken
snel een overnachtingsplek en vinden deze in de tuin van vriendelijke mensen.
De paarden lopen eerst tussen het speeltuig rond, maar moeten later toch
achter het hek. Wij zetten ons tentje op en eten bij onze gastheren; een mix
van eigen eten en lekkere extra's. En de hoefsmid is al gebeld...
Om 9 uur 's ochtends staat ineens al de smid op de stoep - een andere dan we
gedacht hadden, maar dat geeft niet. Liesa's achterijzers worden vervangen, en
dan moet de smid snel weer door. Na die ochtend nog wat werk te hebben verzet,
trekken we die middag verder, na een stevige lunch van Jura-worst en linzen en
een hartelijk afscheid van onze gastvrouw en zoontje.
We rijden bos in, bos uit; heuvel op en af. Halverwege is het sluipdoor -
kruipdoor omdat het pad ophoudt; we komen uit bij een véél te drukke weg die
we zo snel mogelijk aflopen. Verderop staan mannen op straat die ons aan een
tandeloos boertje helpen. Hij regelt wei, feestzaal, borrel in zijn keldercafé
én de volgende ochtend worden we gewekt met vers brood! Ons boertje rijdt ook
nog even langs het eerste stuk van de route, en dan gaan we op pad.
We rijden weer langs mooie dorpen (zoals Irancy, prachtig in een dal
weggestopt), maar er is geen bank in zicht... We zitten weer even op de
pelgrimsroute! We eindigen onze dag met een prachtig stuk bos langs de Cure.
Ondertussen zijn we wel erg nat geregend, en koud, en kiezen voor een hotel in
Arcy-sur-Cure in plaats van de schuur... De paarden staan lekker op de wei,
met hooi.
We verhuizen 's ochtends naar de gite in Bessy, dichterbij de paarden, en
liften daarna in één ruk naar Vézelay, één van de vier traditionele
verzamelplaatsen voor pelgrims in Frankrijk. Ons eerste bedevaartsoord in
Frankrijk. Een mooi oud plaatsje bovenop een 'heilige' heuvel, met maar 500
inwoners...
We halen onze stempel bij het pelgrimsinfocenter en zoeken Maria Magdalena
op. In Vézelay zijn geeft wel een bijzonder gevoel - je staat stil bij de
achtergrond van je reis. Waarom doen we dit eigenlijk? Het is moeilijk om te
omschrijven wat je voelt op zo'n dag in Vézelay...
We krijgen weer eens een lift tot de voordeur (toch weer bijzonder dat
mensen daarvoor de moeite nemen), koken ons potje en gaan vol van Vézelay naar
bed.
www.paardreizen.nl
 |
 |
|
 |
| Lezersverhaal:
Middeleeuwse praktijken |
| Door: Signe-Sanne
Oortgijsen | |
 | |
 |
Vikingen, Kelten en Ridders, vroeger toen het leven nog eenvoudig
was...
Ik heb altijd al van geschiedenis gehouden, maar dan wel de
vroege geschiedenis. Ik werd er ook al op jonge leeftijd mee geconfronteerd.
Als je geïnteresseerd bent in kunst rol je vanzelf de geschiedenis in en mijn
vader die in Londen woonde nam me mee naar the British Museum. Als je daar
geen liefde voor geschiedenis van krijgt is er iets mis met je.
En ja, als je dan naar de Kunstacademie gaat, doen ze het nog eens
dunnetjes over. Daar begin je vaak bij Egypte en dan de Grieken en Romeinen,
een klein uitstapje naar de prehistorische grotschilderingen. En dan de
middeleeuwen en renaissance. Daarna de in mijn ogen minder geweldige tijden,
want ik had nu eenmaal die voorliefde voor de middeleeuwen. De Kelten en
Vikingen kwamen eigenlijk niet aan bod in de kunstgeschiedenis, misschien
omdat er zoveel meer te behandelen was en ze grotendeels samenvallen met de
alles overheersende Romeinen. Nu is het vreemd, want tussen de vroege
middeleeuwen en de hoogtijdagen van de Ridders zit pakweg een half millennium.
Maar geschiedenis is geschiedenis en die bestaat alleen maar uit een
opeenstapeling van verleden tijd. Je kunt nooit teruggaan naar die tijd, of je
nu naar het jaar 900 of 1400 wilt, het is allebei even onmogelijk. Het
enige dat je zou kunnen doen is het verleden laten herleven. En dat gebeurt
dan ook.
Vooral in Amerika en Engeland is dit een favoriet tijdverdrijf dat ze
re-enactment noemen. Natuurlijk zijn de middeleeuwen zeer geliefd, maar ook
burgeroorlogen zijn populair en, in iets mindere mate, de eerder genoemde
Vikingen en Romeinen. De uitdaging ligt in het correct doen herleven van
de geschiedenis en het opnieuw uitvinden van gebruiken en voorwerpen die uit
de archeologie naar voren komen. Sommige van deze mensen hebben een bult
kennis over het bepaalde tijdperk die menig wetenschapper doet duizelen!
In Nederland is er wat middeleeuwen betreft de stichting HEI waaraan
ook vier echte ridders met paarden zijn verbonden! Ik hoop in de toekomst ooit
wat trainingen met deze mensen te gaan doen. Het lijkt me geweldig om met mijn
Tinker Blizz eens een lans te breken!  Zelf LARP ik graag
(Live Action Role Playing). Niet historisch verantwoord en vaak met een
fantasy-tintje, speel je een verhaal uit. Improvisatie-theater zonder publiek.
Dit wordt (nog) niet gedaan met paarden. Dieren en mensen zijn gevaarlijk als
het om improviseren gaat, en helemaal als je daarbij een dosis geschreeuw en
een snufje wapengekletter voegt.
Blizzard en ik hebben wel al het spits mogen afbijten als Nazgûl pony bij
een 'In de ban van de Ring'- larp in 2003. En hopelijk lukt het me in de
toekomst nog eens een paardenlarp te organiseren.
Ondertussen kan ik mijn ei kwijt in het rijden van showtjes. Ik
ben druk geweest met kostuums naaien (voor mijzelf en schildknaapjes) en
andere voorbereidingen voor de shows die we deze zomer
rijden.
Misschien klinkt het vreemd, maar als ik zo verkleed rondloop,
voelt het alsof ik thuis ben gekomen. Het voelt niet als verkleed, maar juist
normaal! Er wordt dan ook regelmatig gevraagd of ik niet in de verkeerde tijd
ben geboren, maar daar antwoord ik altijd volmondig NEEN op. Ik ben geboren in
de goede tijd, het verkleden is juist zo leuk omdat het geen dagelijks werk
is. Stel ik was in de middeleeuwen geboren. Ik was dan op mijn 12e getrouwd en
zwanger en met mijn huidige 30 winters praktisch bejaard. En dan ga ik uit van
een gunstig scenario.
Nee, doe mij maar vandaag de dag waarin een vrouw veel meer te zeggen
heeft en de pest een ziekte van verleden tijd is.
Los daarvan bestond het Tinker-ras toen nog niet, wat een
verschrikking! Het middeleeuwse paard is niet de grote Shire die de meeste
mensen in gedachten hebben. Integendeel, uit onderzoek blijkt dat een paard
niet groter was dan 155 cm. Een groot paard was te duur, een klein paard
kostte al een bom duiten! Paarden waren duurder dan ossen, dus de gemiddelde
boer had liever een os. Voor de adel (ridders waren ook adel) was een
gangenpaard gewenst. Hun vlakke gangen waren geweldig voor de lange reizen.
Toch denk ik dat de Tinker populair had kunnen zijn in die tijden. Ze zijn
een veelzijdig gezinspaard, sober en niet te groot. Bovendien zijn ze door hun
bonte aftekeningen goed herkenbaar, eigenlijk alle redenen waarvoor het ras
door onze zigeuner-vrienden, de Romany, gefokt is.
Er waren natuurlijk, net als nu, verschillende typen voor
verschillende doelen; Het karrenpaard, het ploegpaard (of dus os of ezel),
een monnik zou een ezel rijden of een paard lenen van een adellijke heer. Een
ridder rijdt een Destier, een goed getraind oorlogspaard, meestal een hengst,
onbetaalbaar en qua niveau vergelijkbaar met de Lipizzaners van de Hoge
Rijschool. Voor de reizende adel was er de Palfrey of Jennet, vaak het eerder
genoemde gangenpaard. Elegant en comfortabel, maar ook kruisingen met ezels.
En al het overige, de niet zo dure oorlogspaarden en andere werkpaarden,
werden Coursers of Rouncy genoemd.
Een koudbloed zou dus helaas niet zo snel onder een ridder in een
steekspel galopperen, ze zijn te langzaam en hebben te weinig 'vuur'. Maar wij
trotse Tinkerbezitters zouden wel van het beeld hebben genoten!
Er staan nog veel meer leuke wetenswaardigheden op internet hierover en in
mijn nieuwe aanwinst, een boek speciaal over het paard in de middeleeuwen. Dat
moet ik maar eens rustig doorlezen, want het is in het Engels en met veel
noten en weinig plaatjes. Niet dat ik me veel aantrek van de feiten als het
gaat om van Blizz een ridderpaard te maken. Met een bezemsteel ringetjes
steken is dan wel geen steekspel, maar het werd wel gedaan en het is ook erg
leuk om te doen.
Nog steeds kent ons land dit soort tradities. Zonder zadel op een Belg of
vanaf een sjees met een Fries ervoor. Waarom dan niet middeleeuws verkleed
vanuit een westernzadel? Er zijn nog meer 'spelletjes' die best wel eens uit
de middeleeuwen zouden kunnen stammen. Ridders moesten tenslotte ook
trainen.
Men neme een kool op een paal en een zwaard. Je kunt je wel voorstellen
wat de bedoeling is. Ik knutsel een kleurig balletje op een prikpaaltje en pak
een houten zwaard om 'mijn vijanden te onthoofden'. Naast oorlogspraktijken
was er ook het jagen te paard, een everzwijn met een speer doorboren. Of in
ons geval een strobaal doorboren, stukken minder bloederig. Of laat iemand met
een strozak door de bak hollen hahah! Aaanvallluuuuhhh!
Boogschieten te paard! Iets wat ik ook nog wel eens zou willen leren. De
Mongolen en Huzaren waren hier erg sterk in. Het paard in volle galop sturen
met zit en benen en dan nog raak schieten ook. Laat mij het sturen op zit
eerst maar eens onder de knie krijgen, ik heb stilstaand op de grond al moeite
met raak schieten.
Blijkbaar is het een uitdaging om dingen die gewoon al lastig genoeg
zijn ook nog eens vanaf de paardenrug te gaan doen. Polo bijvoorbeeld, of
paardenvoetbal. Waarom eigenlijk geen paardentennis of -badminton? Of
synchroonzwemmen?
Eén ding weet ik zeker, als er een ras is dat het zou kunnen is het de Tinker. En wat geschiedenis betreft, die maak je zelf. En
ik doe het lekker dunnetjes nog eens over, historisch correct of niet.
Kijk, als je nog eens in Friesland bent, uit naar een blonde Viking, ridder
of cowboy op een kleine bonte pony en zwaai even.
  |
 |
 |
Copyright 2006
– voorwaarden overnemen artikelen
Paardentips Magazine
copyright 2006. Alle artikelen, magazines en tussendoor-mailtjes zijn
beschermd door copyright. Wil je toch graag een artikel uit het magazine
gebruiken, dan kan dat onder de volgende voorwaarden:
1. vermeld
direct onder het artikel dat het artikel uit Paardentips Magazine komt, 2.
vermeld dat het artikel copyright 2006 van Paardentips Magazine is, 3.
plaats een duidelijke en werkende link naar www.paardentips.com
Voorbeeld: Uit Paardentips Magazine - copyright 2006 - www.paardentips.com | |
 |
|